Walden-pond

Balsa beetverklikker 2.0

 

Als ik me er de tijd voor gun, en wat tijd betreft leven we in luxe momenteel, vind ik het leuk om zelf beetverklikkers te maken van balsahout. Dit super lichte en makkelijk bewerkbare hout koop je bij een winkel die ook spullen voor modelbouw verkoopt. Ja dezelfde winkel waar je ook messing tube kunt kopen in allerlei nuttige diameters om mooie zalmtubes mee te binden. In mijn geval is dat de Märklin winkel in de Minnebroederstraat van de Utrechtse binnenstad.

 

 

Ik zaag een stukje balsahout af en zet dat op een tubenaald. Die tubenaald bevestig ik in een Dremel. Dat is zo’n mini boortolletje waar je ook allerlei andere dingen mee kunt doen. Een (veel) goedkopere variant tref je regelmatig bij de Liddl. Als ik het motortje laat draaien kan ik door schuurpapier tegen het zachte hout te drukken al heel snel een mooi gevormde beetverklikker draaien. Deze gaat eerst in de blanke lak en daarna in een fluor kleurtje naar keuze.

 

Bij de 1.0 versie stak ik een plastic pennetje door het gat van de beetverklikker nadat ik deze op de lijn had gezet. De beetverklikker was zo doende te verschuiven. Echter na een poosje sleet het nylon in op het hout ( of andersom zo je wilt) en verschoof de beetverklikker ook als dat niet wenselijk was.

Nu bij de 2.0 versie maak ik het gat wat wijder en breng ik eerst een hol plastic pijpje in. Wederom voer ik mijn lijn er door maar daarna plaats ik een plastic pennetje ( haar van bezemsteel) in het plastic pijpje. De beetverklikker is nog steeds verschuifbaar maar slijt nauwelijks meer in !

 

Er zijn tal van beetverklikkers in omloop die allemaal voor en nadelen hebben. Maar er gaat niets boven een zelfgemaakt exemplaar. En uit bijv. een meter 8 mm balsa kun je er heel wat maken. Uiteraard kun je ook grotere of kleinere diameters toepassen. Al naar gelang je wensen. OK, het kost even tijd, maar als ie straks met een ruk onder water verdwijnt ben je dat zo weer vergeten.

 

erikdenoorman

Lijn, onderlijn, diepte - SNOEK

 


 

Ik krijg nogal eens een vraag over welke leader je moet gebruiken bij het streameren op snoek in woonwijk en polder. Voor de doorgewinterde snoekvissers is dit waarschijnlijk allang geen probleem meer. Maar voor de beginner is het kennelijk wel degelijk iets waar weinig duidelijkheid in is te vinden.   Dit artikel gaat niet over het snoeken op groot diep water. Hiervoor is een andere specialisatie en materiaal setting nodig.

 

Op polderwater dat niet dieper is dan pakweg een meter is het allemaal niet zo heel moeilijk.

 


Eerst maar eens wat door eigen ervaring opgedane feiten:


•    Polder en woonwijkwater zijn doorgaans tussen de 0,5 en 3 meter diep.


•    Snoek ligt niet altijd tegen de bodem maar soms ook aan de oppervlakte of, waar dit kan, ergens in het midden.


•    Niet alle streamers zinken even snel af. Dat hangt van haaktype en materiaalkeuze af.


•    Er zijn niet of nauwelijks speciaal voor het snoeken geprepareerde onderlijnen te koop.


•    Hoe langer de afstand tussen vliegenlijn en stalen/titanium onderlijn hoe beroerder dit werpt. zeker met wat wind slaat je streamer slecht over dan.


•    De dikte van je onderlijn heeft niet of nauwelijks aantoonbare invloed op  ‘lijnschuw’ gedrag van snoek. Geldt overigens niet voor snoekbaars!


•    De grootte en dikte van de gebruikte haak heeft invloed op de actie het afzinken van de streamer.

 

Polyleaders heb je in diverse lengtes en zinksnelheden. Ze stellen je in staat om, indien nodig snel een aanpassing te doen om je streamer dieper aan te bieden.

 

Op basis van bovenstaande kom ik eigenlijk op een drietal onderlijn montages die van toepassing zijn op vrijwel alle situaties in polder en stadswater. Welke montage je ook kiest;  je moet er altijd rekening mee houden dat elke streamer pas echt goed afzinkt als die door en door nat is. Ook dan vertoond een streamer zijn ware actie in het water. Soms duur het best even voordat zo’n streamer doorweekt is.

Montage 1 - Ondiep water tot max. 1 meter diep


Drijvende WF lijn – 1 meter 45/00 nylon – stalen/titanium onderlijntje – water afstotende (synthetische) streamer op dunstelige haak.


Montage 2 – Water tot 1,5 – 2 meter diep


(Indien de snoek hoog in het water staat kan montage 1 gebruikt worden)
Sinktiplijn of korte langzaam zinkende polyleader  (9 foot - 150 grains) – 1 meter 45/00 nylon – stalen/ titanium onderlijntje – Waterafstotende (synthetische) of streamer met natuurlijke materialen als bijv. zonker en bucktail op dikstelige haak. Indien het water behoorlijk stroomt prefeleer ik montage 3


Montage 3 – diep water tot max. 3 meter


(Indien de snoek hoog of midden in het water staat kan montage 1 of 2 gebruikt worden)
Sinktiplijn of snel zinkende polyleader  (13 foor - 200 grains) – 1 meter 45/00 nylon – stalen/ titanium onderlijntje – Waterabsorberende streamer zoals streamers met natuurlijke materialen als bijv. zonker en bucktail op dikstelige haak. Indien dit water behoorlijk stroomt de sinktip/polyyleader opwaarderen naar 300 grains.

 

 

De linker kwam van één meter water, de rechter van  vijf meter diep. Door je streamer te krijgen waar de vis zit vergroot je je kansen aanmerkelijk.


 Samengevat komt het dus er op neer dat je al je materiaal zo kiest dat het aan de gewenste omstandigheden voldoet. In de praktijk kun je met een drijvende WF lijn en een paar langzaam en snel zinkende polyleaders en een assortiment streamers van diverse materialen en haken eigenlijk in vrijwel alle gevallen aan de bak. Vooral bij diep(er) water is het soms wat zoeken naar de juiste diepte waar de snoek actief is. Hoe kouder het is hoe specifieker je ermee zal moeten experimenteren. Een snoek zal in de winter zijn energie niet zo snel inzetten om een streamer vanuit een andere waterlaag te komen halen.

Ik realiseer me goed dat hetgeen ik zojuist heb opgeschreven geldt vanuit mijn persoonlijke beleving. Ongetwijfeld dat anderen een net wat andere aproach hebben in deze materie. Desondanks denk ik mensen er een denkrichting mee te kunnen aanreiken waardoor de keuze van een onderlijn montage zal kunnen bijdragen aan betere resultaten aan het water. Je zult snel het effect bemerken. En daar is het ons uiteindelijk allemaal om te doen!

 

erikdenoorman

Antron beetverklikkertje
 
 
 
Met een klein beetje handigheid kun je zelf wat antron beetverklikkertjes maken. Mooi voor als je straks bijvoorbeeld op wintervoorn wilt gaan vissen. Maar ook prima om wat buzzers te presenteren op een mooie forellenvijver of zo. Je kunt ze in diverse formaten maken. Wat je er voor nodig hebt is uiteraard antron. Deze is er in tal van kleuren. Ik koos voor een zeer goed opvallende roze kleur. Maar je kunt natuurlijk ook andere opvallende kleurtjes kiezen. Onder bepaalde lichtomstandigheden kan zelfs zwart een goede keuze zijn! Hoe krulleriger het antron is, des te meer lucht zal het vasthouden.
 
 
Ik weet overigens dat sommigen ook Egg yarn gebruiken voor dergelijke verklikkertjes. Verder heb je een dun plastic buisjes nodig. Denk daarbij eens aan de buisjes die gebruikt worden voor het binnenwerk van tubeflies, elektriciteit draadjes waar je het koper uit de kern weg hebt gehaald enz. Hoe dunner, hoe mooier. Mits het sterk genoeg is en niet scheurt. En als laatste heb je wat cocktailprikkertjes nodig. Er tijdens het vissen wat prikkertjes als reserve bij je steken kan handig zijn als je van methode wisselen of dergelijke. Op de onderstaande foto’s kun je zien hoe ik ze maak. En zoals je ziet zijn ze verschuifbaar.
 
 
 
Zet een naald of dergelijke in je vice en schuif daar het buisje op. nadat je de binddraad het opgezet kun je de strengetjes antron opbinden.
 
 
Zet de bevestiging van de antron even goed in de lak ( of bug bond). Knip de antron op gewenste lengte en pluis die wat uit met een dubbingnaald of zo.
 
 
Knip de restjes buis nu kort af. Niet noodzakelijk maar wel aan te bevelen is het voorbehandelen van de antron met een duurzaam drijfmiddel. De punt van het cocktailprikkertjes past nu mooi in de tube.
 
Bij het vissen schuif je het buisje op je leader waarna je het cocktailprikkerte er insteekt en daarna gewoon afbreekt. Deze constructie zit mooi stak op de lijn en laat zich desgewenst verschuiven. 
 
 
erikdenoorman
               
               
               
               
Titanium onderlijntjes maken
 
 
Als je gaat snoeken, met welke vistechniek dan ook, ontkom je er niet aan je kunstaas aan iets te bevestigen dat niet door de snoek kapot kan worden gebeten. Want een snoek heeft een heel breed assortiment aan tandjes. En niet alleen aan de rand van de bek. Vroeger, toen we nog met levend aas mochten vissen, was een stalen kettinkje alom in gebruik. Later kwamen de, al dan niet geplastificeerde stalen onderlijntjes op de markt. Ik kan me nog herinneren dat vooral in het begin de kwaliteit nogal sterk verschilde per merk. Maar inmiddels zijn er prima exemplaren van te koop.
 
 
Tandjes zat. Een stalen onderlijntje in dit geval voorkwam lijnbreuk. Een goede tang zorgde voor probleemloos onthaken.
 

Streameren op snoek vergt ook een dergelijke bescherming tegen de vele tandjes. Sommigen beweren dat dik fluorocarbon voldoende zou zijn. Ik ben daar wat sceptisch over. Maar dat komt ook omdat ik niets erger vind een snoek te moeten lossen met de streamer nog in de bek. Daar kan ik echt ziek van zijn! Paar jaar terug kreeg ik van iemand een titanium onderlijntje. Sterk spul dat niet knikt of buigt en dus kaarsrecht blijft. Ook na veelvuldig gebruik. Sterker nog, met een paar van deze titanium onderlijntjes doe ik een heel seizoen! Het is wel flink duurder dan gewoon staaldraad.

Tegenwoordig maak ik ze zelf. Gewoon omdat ik dat leuk vind. Je kunt naar eigen wens variëren in lengte, wartels en afwerking. Ik maak ze zelden korter dan 30 cm of langer dan 40 cm. Dat dekt, voor wat betreft mijn poldervisserij de lading wel. Hieronder wat plaatjes over hoe ik ze monteer. Dezelfde werkwijze kun je uiteraard ook met gewoon staaldraad toepassen.
 
Over wartels is eindeloos te discussiëren. Ik heb vele soorten geprobeerd en kies uiteindelijk voor de ordinaire speldwartel. Wel van topkwaliteit overigens. Dit type dekt de lading en ik krijg ze, ook met heel koude fikken, altijd wel weer open als dat moet.
 
 
 
 
Ik schuif eerst een stukje krimpkous op de draad, dan de sleeve en vervolgens de wartel. Ik borg de lijn altijd met een extra lusje.
 
 
Met zo'n speciale tang druk je de sleeve plat. Als het goed is zit de verbinding nu muurvast. Als laatste gaat de krimpkous er over.
 
 
Dat zelfde doe ik aan de andere kant van de onderlijn waar een tonwartel straks de verbinding maakt met mijn onderlijn. Ofwel een meter 45/00. 
 
Zo ziet het uiteindelijke resultaat er uit. Mooie sterke onderlijnen met een goede kwaliteit wartels.
 
 
erikdenoorman